Voor veel gepensioneerden begint 2026 met een meevaller. De grootste pensioenfondsen van Nederland verhogen hun uitkeringen. Dat betekent concreet dat miljoenen mensen straks iedere maand iets meer op hun rekening zien verschijnen.
Na jaren waarin pensioenverhogingen lang niet vanzelfsprekend waren, voelt dat voor veel mensen als een opluchting. De afgelopen periode stonden koopkracht en inflatie centraal in het nieuws. Gepensioneerden merkten dat prijsstijgingen sneller gingen dan hun uitkering. Dat er nu weer ruimte is om pensioenen te verhogen, verandert het gesprek aan de keukentafel.
Waarom is er nu ruimte voor hogere pensioenen?
De financiële positie van grote pensioenfondsen is de afgelopen periode verbeterd. De combinatie van hogere rente en goede beleggingsresultaten heeft ervoor gezorgd dat de buffers van fondsen sterker zijn dan enkele jaren geleden.
Dat geeft besturen meer speelruimte. Waar eerder voorzichtigheid de boventoon voerde, ontstaat nu ruimte om een deel van het rendement daadwerkelijk door te geven aan gepensioneerden. Niet als incidentele bonus, maar als structurele verhoging van de maandelijkse uitkering.
De verhoging verschilt per fonds, maar bij de grootste spelers gaat het om duidelijke percentages. Voor een gemiddeld aanvullend pensioen kan dat per maand tientallen euro’s schelen. Voor sommige huishoudens is dat het verschil tussen net rondkomen en iets meer ademruimte.
Niet elk fonds verhoogt evenveel
Hoewel het algemene beeld positief is, zijn de verschillen tussen pensioenfondsen zichtbaar. De financiële positie verschilt per sector en per fonds. Sommige fondsen beschikken over ruimere buffers dan andere. Ook de timing van de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel speelt een rol.
Daardoor lopen de verhogingen uiteen. Waar het ene fonds enkele procenten indexeert, kiest een ander fonds voor een steviger stap. Dat verschil is voor deelnemers soms lastig te begrijpen, maar het hangt samen met de eigen financiële positie en het gekozen beleid.
Voor gepensioneerden telt uiteindelijk vooral het eindresultaat: wat komt er netto bij?
Nieuw pensioenstelsel geeft meer ruimte
Op de achtergrond speelt de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. Dat systeem moet ervoor zorgen dat rendementen sneller zichtbaar worden in de pensioenen van deelnemers.
In het oude stelsel stonden garanties en buffers centraal. Dat zorgde voor stabiliteit, maar beperkte ook de ruimte om pensioenen te verhogen. In het nieuwe systeem bewegen pensioenen meer mee met economische ontwikkelingen. In goede tijden kan dat gunstig uitpakken, zoals nu zichtbaar wordt.
Tegelijkertijd betekent het dat schommelingen in de economie sneller effect kunnen hebben op de hoogte van uitkeringen. De komende jaren zal moeten blijken hoe dat in de praktijk uitwerkt.
Wat betekent dit voor koopkracht van gepensioneerden?
Voor veel ouderen is het pensioen de belangrijkste inkomstenbron. Een verhoging van enkele procenten kan daarom direct invloed hebben op de maandbegroting. Denk aan stijgende zorgpremies, energiekosten en dagelijkse boodschappen. Een hogere uitkering helpt om die lasten beter op te vangen.
Toch moet het effect ook worden genuanceerd. De afgelopen jaren is de inflatie stevig geweest. In sommige gevallen compenseert de verhoging slechts een deel van het eerdere koopkrachtverlies. Voor gepensioneerden met een klein aanvullend pensioen blijft de financiële ruimte beperkt.
Dat maakt de verhoging welkom, maar niet zaligmakend.
Vooruitblik op de komende jaren
De huidige verhogingen laten zien dat pensioenfondsen financieel sterker zijn dan een paar jaar geleden. Maar pensioenen blijven afhankelijk van economische omstandigheden. Renteontwikkelingen, beurskoersen en geopolitieke spanningen kunnen invloed hebben op de vermogenspositie van fondsen.
Daarom blijft voorzichtigheid geboden. Wat nu mogelijk is, hoeft niet automatisch ook volgend jaar mogelijk te zijn. Tegelijkertijd geeft deze verhoging vertrouwen dat het systeem in staat is om in gunstige omstandigheden daadwerkelijk uit te keren.
Een periode van relatieve rust
Na jaren van discussies over kortingen, hervormingen en stelselwijzigingen zorgt deze verhoging voor een periode van relatieve rust in het pensioendebat. Voor veel gepensioneerden gaat het niet om abstracte beleidskeuzes, maar om het bedrag dat maandelijks binnenkomt.
Dat dat bedrag nu stijgt, is voor velen simpelweg goed nieuws. Het laat zien dat de financiële situatie van de grote fondsen ruimte biedt en dat rendement niet alleen op papier bestaat.
Of dit het begin is van een langere periode van stijgende pensioenen, zal afhangen van de economische ontwikkelingen in de komende jaren. Voor nu betekent het vooral dat miljoenen Nederlanders in 2026 iets meer financiële ruimte krijgen.
Bronnen: NOS, Rijksoverheid, ABP