dinsdag, juli 7, 2026
18.5 C
Groningen

Minder bedrijven investeren in verduurzaming in 2026

Nederlandse bedrijven investeren minder vaak in verduurzaming dan een jaar geleden. In 2026 zegt 61,5 procent van de bedrijven te investeren in een klimaatneutrale bedrijfsvoering. Vorig jaar was dat nog 64,3 procent en in 2024 ging het om 68 procent.

De daling is daarmee geen losse uitschieter. Voor het tweede jaar op rij neemt het aandeel bedrijven dat geld steekt in verduurzaming af. Dat blijkt uit de nieuwste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek, gebaseerd op de conjunctuurenquête onder bedrijven met vijf of meer werkzame personen in de industrie, handel en dienstverlening.

De ambitie om te verduurzamen is bij veel ondernemers niet verdwenen. Wel lopen plannen steeds vaker vast op kosten, onzekerheid en praktische beperkingen. Vooral het volle elektriciteitsnet wordt vaker genoemd als probleem. Daarmee ontstaat een lastige situatie: bedrijven willen verduurzamen en elektrificeren, maar krijgen niet altijd de ruimte om dat ook echt te doen.

Daling zichtbaar in bijna alle sectoren

In de meeste bedrijfstakken investeren dit jaar minder bedrijven in verduurzaming dan in 2025. De verschillen zijn behoorlijk groot.

In de industrie daalde het aandeel bedrijven dat investeert van 70 procent naar 65,4 procent. In de horeca ging het van 54,8 naar 47,3 procent. Ook in cultuur, sport en recreatie is een duidelijke daling zichtbaar: van 68,7 procent vorig jaar naar 62,4 procent dit jaar.

Bij vervoer en opslag blijft verduurzaming het meest gebruikelijk. Daar investeert 76,1 procent van de bedrijven in een klimaatneutralere bedrijfsvoering. Toch ligt ook dat lager dan een jaar geleden. In de verhuur en handel van onroerend goed is het aandeel eveneens hoog met 74,3 procent, maar daar is de daling nog sterker. In 2025 investeerde bijna 80 procent van deze bedrijven in verduurzaming.

Er zijn ook sectoren waar het aandeel juist iets steeg. In de autohandel en autoreparatie nam het toe van 67,1 naar 71,1 procent. Ook in de overige dienstverlening is groei zichtbaar. In de detailhandel en informatie- en communicatiesector bleef het aandeel vrijwel gelijk.

Dat maakt duidelijk dat verduurzaming niet overal dezelfde kant op beweegt. De ene sector heeft veel te maken met gebouwen, transport of energieverbruik. De andere sector investeert eerder in processen, materiaalgebruik of software. Wat haalbaar is, verschilt sterk per bedrijf.

Kleine bedrijven stellen investeringen vaker uit

De terugval zit vooral bij kleine en middelgrote bedrijven. Grote bedrijven investeren nog steeds het vaakst in verduurzaming. Zij hebben meestal meer financiële ruimte, gespecialiseerde medewerkers en langere investeringsplannen.

Voor kleinere ondernemers ligt dat anders. Een nieuwe installatie, extra isolatie, zonnepanelen, elektrisch vervoer of een andere productiewijze vraagt vaak om een flinke investering vooraf. Zeker wanneer de opbrengst pas na jaren zichtbaar is, kan dat een reden zijn om plannen uit te stellen.

Dat betekent niet dat kleine bedrijven verduurzaming onbelangrijk vinden. Veel ondernemers zien lagere energiekosten, strengere regels of verwachtingen van klanten als reden om stappen te zetten. Maar als de financiering lastig is of de toekomst onzeker voelt, krijgt een investering die direct nodig is vaak voorrang.

Kosten blijven grootste belemmering

Financiële beperkingen zijn nog altijd de meest genoemde reden waarom verduurzaming moeizaam van de grond komt. In juni 2026 noemt 36,1 procent van de bedrijven dit als belangrijkste belemmering. Een jaar eerder was dat 34,6 procent.

Daarbij gaat het niet alleen om de aanschafprijs van duurzame oplossingen. Bedrijven kijken ook naar rente, terugverdientijd, onderhoud, subsidies, onzekerheid over energietarieven en de vraag of een investering later nog wel past bij nieuwe regelgeving.

Vooral in sectoren met kleine marges kan dat zwaar wegen. Een horecaondernemer kan bijvoorbeeld wel willen overstappen op efficiëntere apparatuur, maar eerst geld nodig hebben voor personeel, voorraad en huur. Een transportbedrijf kan willen verduurzamen, maar loopt tegen de hoge kosten van voertuigen, laadinfra en beschikbare netcapaciteit aan.

Naast financiële beperkingen noemt 23,3 procent van de bedrijven onzekerheid over de economie of beleid als obstakel. Ook dat aandeel ligt hoger dan vorig jaar.

Bedrijven weten vaak niet goed welke regels, subsidies of energiekosten over enkele jaren gelden. Juist bij investeringen die lang mee moeten gaan, maakt die onzekerheid besluiten lastiger. Een ondernemer die vandaag een grote keuze maakt, wil weten waar hij over vijf of tien jaar aan toe is.

Vol energienet wordt steeds groter probleem

De beperkingen op het energienet nemen snel toe als hindernis. In juni noemde 14,6 procent van de bedrijven het elektriciteitsnet als belangrijke belemmering. Vorig jaar was dat 11,9 procent.

Voor sommige sectoren ligt dat aandeel veel hoger. In de detailhandel noemt bijna een kwart van de bedrijven het energienet als probleem. Ook in vastgoed, vervoer en opslag wordt netcongestie relatief vaak genoemd.

Dat is begrijpelijk. Veel verduurzaming draait inmiddels om elektriciteit. Bedrijven willen zonnepanelen plaatsen, overstappen op warmtepompen, elektrische voertuigen opladen of hun productieproces aanpassen. Daarvoor is vaak een zwaardere aansluiting nodig.

Maar juist die aansluiting is niet overal beschikbaar. In delen van Nederland zitten bedrijven op een wachtlijst of krijgen zij niet meteen de capaciteit die nodig is. Daardoor kan een investering technisch mogelijk zijn, maar toch niet doorgaan.

De gevolgen zijn breder dan alleen energie. Als een bedrijf niet kan uitbreiden, elektrificeren of verduurzamen door een gebrek aan netruimte, kan dat ook invloed hebben op groei, werkgelegenheid en toekomstige plannen.

Minder gebrek aan alternatieven, maar meer onzekerheid

Opvallend is dat minder bedrijven dan vorig jaar aangeven dat er te weinig duurzame alternatieven beschikbaar zijn. In juni 2026 noemt 12,9 procent dit als probleem, tegenover 16,4 procent een jaar eerder.

Dat kan erop wijzen dat de markt voor duurzame oplossingen volwassener wordt. Voor steeds meer toepassingen zijn inmiddels alternatieven beschikbaar, zoals elektrische voertuigen, energiezuinige installaties, circulaire materialen of efficiëntere productiemethoden.

Toch betekent beschikbaarheid niet automatisch dat een oplossing ook betaalbaar of uitvoerbaar is. Een bedrijf kan een duurzaam alternatief vinden, maar alsnog vastlopen op de investering, vergunningen, personeel of het energienet.

Ook het tekort aan geschikte arbeidskrachten wordt iets minder vaak genoemd dan vorig jaar. In 2026 gaat het om 8 procent van de bedrijven, tegen 8,7 procent in 2025. Daarmee is personeel nog steeds een onderwerp, maar minder bepalend dan kosten en netcongestie.

Industrie kiest voor efficiëntie, transport voor minder uitstoot

De manier waarop bedrijven verduurzamen verschilt per sector. In de industrie ligt de nadruk vooral op energie-efficiëntie en circulaire productie. Denk aan zuinigere machines, minder materiaalverlies, hergebruik van grondstoffen en processen die minder energie vragen.

In vervoer en opslag gaat het vaker om emissiereductie. Dat kan betekenen dat bedrijven investeren in schonere voertuigen, andere brandstoffen, efficiëntere routes of laadvoorzieningen. Juist in die sector speelt het energienet tegelijk een belangrijke rol, omdat elektrisch vervoer voldoende laadcapaciteit nodig heeft.

Bij vastgoed ligt de nadruk vaker op verduurzaming van gebouwen. Isolatie, installaties, verlichting, zonnepanelen en slimme energiesturing zijn daar belangrijke onderdelen. Die investeringen kunnen op termijn kosten verlagen, maar vragen wel om planning en geld.

Verwachtingen blijven voorzichtig positief

Onder bedrijven die al investeren in verduurzaming is het beeld iets positiever. In juni zijn er meer ondernemers die verwachten dat hun investeringen toenemen dan ondernemers die rekenen op een daling. Het saldo komt uit op bijna 6 procent en ligt daarmee ongeveer op hetzelfde niveau als vorig jaar.

Vooral in vervoer en opslag en in de detailhandel verwachten bedrijven vaker dat zij meer gaan investeren. In vastgoed en industrie is dat beeld juist minder sterk geworden dan een jaar geleden.

Dat verschil past bij de bredere cijfers. Bedrijven zijn niet massaal gestopt met verduurzamen, maar kiezen voorzichtiger welke stappen zij zetten. De investeringsbereidheid blijft aanwezig, alleen de uitvoering schuift vaker op.

Voor sommige ondernemingen is dat een tijdelijke pas op de plaats. Voor andere bedrijven kan uitstel betekenen dat zij later harder moeten investeren om alsnog aan regels, klantverwachtingen of energiedoelen te voldoen.

Verduurzaming raakt steeds meer aan bedrijfscontinuïteit

Verduurzaming was lange tijd vooral een onderwerp voor bedrijven die vooruit wilden lopen op regelgeving of een groenere uitstraling belangrijk vonden. Dat verandert. Energiegebruik, uitstoot, netcapaciteit en grondstoffengebruik raken steeds vaker aan de dagelijkse bedrijfsvoering.

Een bedrijf dat geen zwaardere aansluiting krijgt, kan moeite hebben om uit te breiden. Een ondernemer die hoge energiekosten niet kan opvangen, verliest mogelijk marge. En wie te lang wacht met verduurzamen, kan later alsnog voor hogere kosten komen te staan.

Tegelijk is het begrijpelijk dat bedrijven terughoudend zijn. Investeren in verduurzaming vraagt zekerheid, terwijl veel ondernemers juist te maken hebben met veranderende regels, rente, personeelstekorten en een onzekere economie.

De CBS-cijfers laten daarom niet zien dat verduurzaming van de agenda verdwijnt. Ze laten vooral zien dat plannen lastiger uitvoerbaar worden. De wens is er vaak nog, maar de stap van idee naar investering blijkt voor steeds meer bedrijven ingewikkeld.

Bronnen: Centraal Bureau voor de Statistiek en Conjunctuurenquête Nederland.

Recente publicaties

Hogere hypotheekrente remt stijging van huizenprijzen af

De huizenprijzen blijven stijgen, maar het tempo gaat omlaag....

Inflatie daalt in juni naar 2,9 procent door lagere olieprijs

De inflatie in Nederland is in juni uitgekomen op...

Doel van 100.000 nieuwe woningen komt in 2027 mogelijk in zicht

De woningbouw kan in 2027 uitkomen op ongeveer 100.000...

Dit verandert per 1 juli 2026: belverbod, duurdere pakketjes en nieuwe regels

Per 1 juli 2026 veranderen opnieuw verschillende regels die...

Aantal flexwerknemers groeit opnieuw, terwijl zzp’ers verder afnemen

Het aantal flexwerknemers in Nederland groeit weer. In het...

Gerelateerde artikelen