Het aantal vrouwen binnen de Nederlandse politie is de afgelopen jaren significant gestegen. In 2019 bestond het korps voor 34 procent uit vrouwen; dit percentage is inmiddels toegenomen tot 42 procent. Ook in de hogere echelons van de politie zijn vrouwen steeds prominenter aanwezig, waarbij zij nu de helft van de strategische top uitmaken. Korpschef Janny Knol benadrukt het belang van deze ontwikkeling: “Het blijft belangrijk om aandacht te houden voor de positie van vrouwen: buiten en binnen de politie.”
Eerbetoon aan de eerste Nederlandse politievrouw
Tijdens een evenement ter ere van Wereldvrouwendag nam korpschef Knol het eerste exemplaar in ontvangst van een boek over Dina Sanson, de eerste vrouwelijke politieagent in Nederland. Sanson werd in 1911 aangesteld als politie-assistente in Rotterdam en speelde een sleutelrol bij de oprichting van de kinder- en zedenpolitie. Haar baanbrekende werk en leiderschap in een mannelijk gedomineerde omgeving markeren een belangrijk hoofdstuk in de geschiedenis van de politie.
Inspiratie uit het verleden voor hedendaagse uitdagingen
Korpschef Knol ziet in Sanson een blijvende inspiratiebron, vooral in het overbruggen van genderdivides binnen de politie. “Zeker rond mijn benoeming als korpschef merkte ik dat het voor sommige mensen best een dingetje was dat ik de eerste vrouw op deze positie ben,” deelt Knol. “Sanson gold destijds als een ware verbinder die met grote passie haar werk deed om iets te betekenen en de wereld een beetje beter te maken. Zij begreep de tijdgeest en zocht actief de randen van de samenleving op. Daar waar je als politie ook van groot belang kunt zijn. In onze strategische agenda noemen we dat nu signaleren en adviseren. De manier waarop Sanson werkte, kan voor mij een voorbeeld zijn: vaak bereik je meer door de verbinding te zoeken dan door de strijd aan te gaan.”
Bron: Politie