dinsdag, juni 23, 2026
14.5 C
Groningen

Rekenkamer kritisch op effectiviteit woningbouwimpuls van kabinet

De woningbouwimpuls (Wbi) is sinds 2020 het belangrijkste financiële instrument van het kabinet om het woningtekort te bestrijden. In de periode 2020–2024 werd hiervoor € 2,25 miljard gereserveerd. Het geld gaat naar gemeenten die met de bijdrage sneller, meer én betaalbare woningen zouden moeten realiseren. Uit onderzoek van de Algemene Rekenkamer blijkt echter dat het effect beperkt is.

Geen versnelling in de bouwstart

Eén van de voorwaarden bij de Wbi is dat projecten binnen drie jaar na toekenning van het geld moeten starten met bouwen. In de praktijk bleek dat eind 2024 slechts 62 procent van de projecten daadwerkelijk was begonnen. Bij de overige 38 procent waren de bouwwerkzaamheden nog niet gestart. Vergelijkbare projecten die geen Wbi-bijdrage ontvingen, lieten een bijna gelijk beeld zien: daar begon 67 procent met de bouw. Bovendien waren niet-gesubsidieerde projecten vaak al verder gevorderd. Daarmee kan worden geconcludeerd dat de Wbi geen aantoonbare versnelling oplevert.

Vertraging door procedures

Ongeveer een derde van de vertraagde projecten liep vast bij de Raad van State. Lange wachttijden en uitgebreide onderzoeken naar stikstof, geluid, verkeersdruk en netcongestie zorgen voor vertragingen. De Wbi verandert niets aan deze juridische procedures, waardoor extra publieke middelen hier geen oplossing blijken.

Onzeker of er echt meer woningen komen

De Rekenkamer stelt vast dat het onduidelijk is of de projecten met Wbi-bijdrage anders niet waren doorgegaan. Ook de minister erkent dit in brieven aan de Tweede Kamer. Veel projecten die geen bijdrage kregen, zijn alsnog gerealiseerd. Aangezien capaciteit van gemeenten en bouwbedrijven beperkt is, kan het zelfs zo zijn dat Wbi-projecten andere initiatieven verdringen.

Positief effect op betaalbaarheid

Wel duidelijk is dat de Wbi invloed heeft op het aandeel betaalbare woningen binnen projecten. Vrijwel alle projecten met een bijdrage voldoen aan de eis dat minimaal de helft betaalbaar moet zijn. Bij afgewezen projecten zakte dit percentage in enkele gevallen naar 30 procent. Toch waarschuwt de Rekenkamer dat betaalbaarheid op de lange termijn niet gegarandeerd is. In eerdere rapporten werd de minister al geadviseerd dit sterker te borgen.

Aanbevelingen voor toekomstig beleid

Volgens de Rekenkamer is meer samenhangend beleid nodig om het woningtekort aan te pakken. Een heroverweging van de Wbi ligt voor de hand. Daarbij zijn twee richtingen mogelijk: óf een brede regeling gericht op betaalbaarheid, óf een meer beperkte variant voor complexe projecten met een specifieke doelstelling. Daarnaast is versnelling alleen haalbaar door procedures te verkorten en meer bouwlocaties beschikbaar te maken. Ondanks de kritiek heeft de minister aangekondigd een nieuwe ronde van de huidige Wbi te starten.

Bron: Rekenkamer

Recente publicaties

WakkerGroep brengt helderheid in software, processen en digitale ideeën

Veel ondernemers herkennen het moment waarop een goed idee...

Huisdieren, bruggen en vintage kleding zorgen voor nieuwe banen

De Nederlandse arbeidsmarkt is minder extreem krap dan een...

Webshops moeten herroepingsknop tonen vanaf 19 juni

Wie online iets bestelt en daar later van af...

Werkloosheid blijft in mei op 3,9 procent

De werkloosheid in Nederland bleef in mei op 3,9...

Omzet detailhandel stijgt met 2,2 procent in eerste kwartaal

De Nederlandse detailhandel heeft in het eerste kwartaal van...

Gerelateerde artikelen