Het demissionaire kabinet zet een nieuwe stap richting een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) voor zelfstandigen zonder personeel. Het herzien voorstel is aangeboden aan de Raad van State voor advies.
Lagere premie en langere wachttijd
In het eerdere voorstel werd een uitkering pas uitgekeerd na één jaar arbeidsongeschiktheid. Dit wordt nu opgeschoven naar twee jaar. Hierdoor kan de premie dalen van 6,5 naar 5,4 procent van de winst van de ondernemer. Het maximale maandbedrag komt daarmee uit op circa 171 euro bruto. Zelfstandigen die al een vergelijkbare of betere verzekering hebben, worden vrijgesteld van deelname.
Demissionair minister Paul van Sociale Zaken benadrukt dat ondernemers ook zelf verantwoordelijkheid moeten nemen. “Zorg dat je een goede buffer hebt”, aldus de minister. Zij adviseert zelfstandigen geld opzij te zetten om de periode tot de verplichte uitkering te overbruggen.
Uitkering gelijk aan minimumloon
De uitkering uit de verplichte verzekering wordt gekoppeld aan het minimumloon. Dat bedrag ligt hoger dan een bijstandsuitkering. Bij de bijstand geldt bovendien vaak dat eerst spaargeld, eigen vermogen of een eigen woning moet worden aangesproken voordat men recht heeft op ondersteuning.
Reacties en kritiek vanuit ondernemers
Ondernemersorganisaties hebben bij een eerdere consultatie veel kritiek geleverd, onder meer op de hoogte van de premie en de verplichte deelname. Het kabinet zegt dat deze signalen in de nieuwe opzet zijn meegenomen, maar erkent dat er verdeeldheid blijft bestaan. Sommige zelfstandigen zien het plan nog steeds als een inperking van hun vrijheid om zelf te bepalen hoe zij risico’s willen afdekken.
Tegenstanders vrezen dat zelfstandigen hierdoor minder ruimte houden om eigen keuzes te maken, maar volgens de regering is een collectief vangnet onmisbaar. Daarmee worden ondernemers beschermd tegen inkomensverlies bij ziekte of ongeval en wordt voorkomen dat zij volledig zonder middelen komen te zitten. Tegelijkertijd biedt het voorstel een uitkomst voor zelfstandigen die tot nu toe buiten de particuliere markt vallen, zodat ook deze groep verzekerd raakt van een basisvoorziening.
Bron: NOS