In 2024 zijn in Nederland 675 mensen omgekomen bij verkeersongevallen. Dat zijn negen verkeersdoden minder dan in 2023 en aanzienlijk minder dan in het jaar 2000, toen nog 1166 verkeersdoden werden geregistreerd. De meeste daling vond plaats onder inzittenden van personenauto’s, zo blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
Fietsers sinds 2022 de grootste groep verkeersdoden
Voor het derde jaar op rij vormen fietsers de grootste groep verkeersdoden. In 2024 kwamen 246 fietsers om het leven in het verkeer. Hoewel dit aantal 24 lager ligt dan in 2023, is het nog altijd hoger dan het gemiddelde van 199 fietsdoden per jaar tussen 2000 en 2022.
Van de overleden fietsers in 2024 reed minstens 44 procent op een elektrische fiets. In 60 procent van de gevallen was hoofdletsel het belangrijkste letsel bij overlijden.
Aantal slachtoffers onder bromfietsers historisch laag
Het aantal dodelijke slachtoffers bij ongevallen met bromfietsen, brom- en snorscooters is in 2024 gedaald tot 30. Dit is het laagste aantal in de afgelopen 25 jaar. Ter vergelijking: in het jaar 2000 kwamen 104 mensen om het leven bij een dergelijk ongeval.
Ook onder voetgangers (59 doden), scootmobielgebruikers (57), motorrijders (56) en inzittenden van bestel- of vrachtauto’s (6) werden in 2024 verkeersdoden geregistreerd.
Ouderen het vaakst slachtoffer in verkeer
In 2024 kwamen relatief gezien de meeste verkeersslachtoffers uit de groep van 80 jaar en ouder. Daarna volgden mensen tussen de 70 en 80 jaar. Een kwart eeuw geleden vielen de meeste verkeersdoden juist onder 20- tot 30-jarigen.
Het aantal verkeersdoden onder jongeren is sterk afgenomen. In 2000 overleden 453 mensen jonger dan 30 jaar aan de gevolgen van een verkeersongeval, in 2024 waren dat er nog 152. Die afname hangt vooral samen met minder fatale ongevallen onder jongeren als inzittende van een personenauto of bestuurder van een bromfiets.
Auto-ongelukken nemen af, vooral onder jongeren
Inzittenden van personenauto’s kwamen in 2024 220 keer om het leven. Dat aantal lag in 2000 nog op 543. Sinds 2010 ligt het gemiddelde aantal dodelijke slachtoffers in een auto rond de 213 per jaar.
Jongeren tot 30 jaar komen tegenwoordig minder vaak om door een auto-ongeluk. Slachtoffers onder de 60 jaar overlijden relatief vaker door een botsing met een auto, terwijl mensen van 60 jaar en ouder vaker slachtoffer zijn van een fietsongeval.
Botsingen met auto’s vaak oorzaak van fietsdoden
Tussen 2020 en 2024 kwam gemiddeld 42 procent van de overleden fietsers om het leven door een aanrijding met een personen- of bestelauto. In 31 procent van de gevallen was er geen sprake van een botsing met een ander voertuig of object. Vooral oudere fietsers blijken relatief vaak te overlijden zonder dat er een botsing heeft plaatsgevonden; bij fietsers van 70 jaar of ouder is dat in 36 procent van de gevallen zo.
Bij inzittenden van personenauto’s was in 43 procent van de gevallen een aanrijding met een ander voertuig de oorzaak, zoals een andere auto, bestelbus of vrachtauto. In 40 procent van de gevallen botsten zij tegen een vast object, zoals een boom of paal. Jongvolwassenen tussen 20 en 30 jaar overleden in 56 procent van de gevallen door een botsing met een vast object.
Driekwart van de dodelijke voetgangersongevallen betrof een botsing met een personen- of bestelauto.
Bron: CBS