In Parijs kwamen deze week tientallen wereldleiders bijeen om te praten over de toekomst van Oekraïne. Tijdens de bijeenkomst van de zogenoemde Coalition of the Willing maakte de Franse president Emmanuel Macron bekend dat 26 landen bereid zijn om troepen te leveren zodra er een wapenstilstand met Rusland tot stand komt.
Het klinkt als een forse stap, maar tegelijk blijft veel nog in de lucht hangen. Welke landen daadwerkelijk militairen sturen en in welke vorm, is nog niet duidelijk. Toch benadrukken betrokken leiders dat er voor het eerst meer concreet commitment op tafel ligt.
Politieke belofte met veel vraagtekens
De aankondiging van Macron gebeurde tijdens een gezamenlijke persconferentie met de Oekraïense president Volodymyr Zelensky. Volgens Macron is er inmiddels een inventarisatie gemaakt van landen die bereid zijn een bijdrage te leveren. Die steun zou variëren van inzet op het land en in de lucht tot activiteiten op zee. Achter de schermen wordt gewerkt aan documenten waarin per land staat wat precies wordt aangeboden.
Zelensky gaf aan dat veiligheidsgaranties voor zijn land onmisbaar zijn. Oekraïne ziet concrete toezeggingen van Westerse landen namelijk als een harde voorwaarde voor een vredesakkoord met Rusland. Daarbij zouden ook grondtroepen kunnen horen.
De rol van de Verenigde Staten
Ondanks de brede Europese bereidheid kijken de meeste ogen nog altijd richting Washington. De Verenigde Staten hebben een sleutelrol, al houdt president Trump de boot grotendeels af. Amerikaanse troepen zullen volgens hem niet naar Oekraïne worden gestuurd. Wel staat de regering open voor luchtsteun en logistieke ondersteuning.
Na afloop van de top belden Europese leiders met Trump. Het Witte Huis liet weten dat hij zijn gesprekspartners opriep te stoppen met de import van Russische olie. Of er ook is gesproken over Amerikaanse veiligheidsgaranties bleef onduidelijk.
Nederlandse premier: voorzichtig positief
Nederland was vertegenwoordigd door premier Schoof. Hij sprak na afloop van “nu de militaire planning is afgerond” van een echt politiek commitment. Volgens hem kan Zelensky daardoor met meer vertrouwen de onderhandelingen met Rusland ingaan.
Op de vraag of Nederland zelf militairen zal leveren, bleef Schoof terughoudend. Hij zei dat Nederland “serieus moet overwegen” om troepen te sturen, maar benadrukte dat dit eerst besproken moet worden met het kabinet en de Tweede Kamer.
Europese Commissie: plannen steeds concreter
Ook de Europese Commissie kijkt nadrukkelijk mee. Voorzitter Ursula von der Leyen sprak eerder van “tamelijk nauwkeurige plannen” die in ontwikkeling zijn. Het idee: een sterk Oekraïens leger als kern van de verdediging, aangevuld met bondgenoten die garant staan voor veiligheid. Daarmee moet Rusland ervan worden overtuigd dat nieuwe agressie zware gevolgen heeft.
Tijdens de persconferentie na de top herhaalde Zelensky dit standpunt. Voor hem is de aanwezigheid van concrete veiligheidsgaranties essentieel in de opbouw van een vredesproces.
Poetin wijst NAVO-betrokkenheid af
Aan Russische kant is de toon onverminderd afwijzend. President Poetin heeft meerdere keren gezegd dat hij de inzet van NAVO-troepen in Oekraïne categorisch afwijst. Volgens hem zou dat neerkomen op directe oorlogsdeelname van het Westen. Daarmee staat de Russische leider lijnrecht tegenover het plan van de coalitie.
Politieke gevoeligheden in Europa
In veel Europese hoofdsteden is de discussie over mogelijke troepenleveringen gevoelig. Burgers en parlementen zijn vaak terughoudend bij militaire missies, zeker als die plaatsvinden in een conflictgebied waar nog geen stabiele vrede bestaat. Dat verklaart waarom landen hun bereidheid wel uitspreken, maar details nog openlaten.
Voorlopig gaat het dus vooral om politieke signalen. Of die ook worden vertaald in daadwerkelijke militaire aanwezigheid, moet de komende maanden blijken.
Historisch perspectief
De term Coalition of the Willing roept herinneringen op aan eerdere militaire samenwerkingen, zoals tijdens de oorlog in Irak. Het huidige initiatief verschilt echter, omdat de focus ligt op veiligheid ná een bestand en niet op actieve oorlogsdeelname. Toch roept de naam vragen op: hoe hecht is deze groep en hoe duurzaam is de samenwerking?
Historisch gezien waren veiligheidsgaranties vaak een belangrijk element om landen te beschermen tegen nieuwe aanvallen. Na de val van de Muur werd de uitbreiding van de NAVO naar Oost-Europa bijvoorbeeld als stabiliserend ervaren. Voor Oekraïne zou iets soortgelijks kunnen gelden, al ligt de situatie nu veel complexer.
Volgende stappen
De verwachting is dat landen later dit jaar documenten publiceren waarin hun bijdrage concreet wordt omschreven. Dan moet blijken wie daadwerkelijk bereid is militairen te sturen en onder welke voorwaarden.
Voor Oekraïne is dat moment van groot belang. Zonder harde afspraken over veiligheidsgaranties ziet Kiev geen mogelijkheid om een vredesakkoord te sluiten. Daarmee ligt de bal voorlopig bij de internationale partners, die moeten bewijzen dat hun woorden meer zijn dan diplomatieke symboliek.
Bron: NOS