Leo Beenhakker, jarenlang een van de bekendste voetbaltrainers van Nederland, is op 82-jarige leeftijd overleden. Zijn familie bracht het nieuws naar buiten via de NOS.
Hij begon ooit in Veendam, in 1968. Amper 26 jaar oud, en meteen de jongste coach die het Nederlandse profvoetbal tot dan toe had gezien. Het was het startpunt van een loopbaan die hem naar Ajax, Feyenoord, Real Madrid en verschillende nationale elftallen zou brengen.
Successen en bijnaam in Spanje
Met Ajax werd hij in 1980 en opnieuw in 1990 landskampioen. In 1999 pakte hij diezelfde titel met Feyenoord – een unicum, want weinig trainers konden beide rivalen tot succes brengen.
Zijn internationale hoogtepunt lag bij Real Madrid. Daar won hij eind jaren tachtig drie keer op rij de Spaanse titel. De Madrileense pers gaf hem toen de bijnaam Don Leo, een eretitel die hem zijn hele leven zou achtervolgen.
Tussen teleurstelling en verrassingen
Met het Nederlands elftal kende hij een wisselende tijd. Het WK van 1986 werd gemist, het toernooi in 1990 werd geen succes. Beenhakker koos er zelf voor daar weinig woorden aan vuil te maken.
Zijn avonturen buiten Nederland leverden soms onverwachte resultaten op. Zo plaatste hij Trinidad en Tobago voor het WK van 2006, en bereikte hij met Polen het EK van 2008. Grote prijzen zaten er niet in, maar zijn reputatie als wereldreiziger onder de trainers werd er alleen maar sterker door.
Bekend om zijn taal
Wie Beenhakker zegt, denkt niet alleen aan voetbal, maar ook aan taal. Hij introduceerde termen die iedereen in de sport kent. De patatgeneratie, zijn kritiek op verwende voetballers in de jaren tachtig, en de cup met de grote oren voor de Europa Cup I: ze bleven hangen.
Met zijn overlijden verliest de voetbalwereld een coach met prijzen, maar vooral een persoonlijkheid die kleur gaf aan elke club en elk elftal waar hij werkte.
Bron: NOS