In 2024 gaf 7 procent van de volwassenen aan het gevoel te hebben dat zij minder kans maken op goede zorg dan anderen. Bij mensen in huishoudens met de laagste welvaartsgroep ligt dat aandeel met bijna 15 procent ruim twee keer zo hoog. Zij ervaren vaker financiële drempels bij het zoeken van zorg en voelen zich bovendien minder serieus genomen in het contact met zorgverleners. Dat blijkt uit het jaarlijkse onderzoek Belevingen van het CBS, dat dit jaar in het teken stond van kansenongelijkheid in de zorg.
Groot verschil in ervaren zorgkansen tussen inkomensgroepen
Het gevoel dat goede zorg minder toegankelijk is, verschilt sterk per welvaartsgroep. Van de mensen uit de hoogste inkomensgroep ervaart 3,4 procent dit gevoel, tegenover 14,7 procent in de laagste inkomensgroep. Ook in de tussenliggende groepen neemt dit percentage geleidelijk af naarmate de welvaart toeneemt.
Kosten belangrijke reden om zorg te mijden
Een aanzienlijk deel van de volwassenen met lage welvaart heeft in het afgelopen jaar zorg gemeden vanwege de kosten. Zo zegt één op de drie uit de laagste inkomensgroep een bezoek aan de tandarts te hebben uitgesteld om financiële redenen, tegenover 15 procent in de hoogste groep. Ook het huisartsbezoek, dat wel uit het basispakket wordt vergoed, wordt vaker vermeden of uitgesteld door mensen met minder financiële ruimte. In totaal vermijdt bijna een derde in de laagste inkomensgroep de tandarts, en ruim 15 procent de huisarts om kostenredenen.
Aanvullende verzekering te duur voor veel mensen
Naast het uitstellen van zorg geven mensen met lage inkomens vaker aan geen aanvullende verzekering te hebben, simpelweg omdat die niet betaalbaar is. Hierdoor lopen zij extra risico op het moeten betalen van zorg uit eigen zak, wat de kloof in zorgtoegang verder vergroot.
Meeste mensen positief over huisarts, maar verschillen blijven
Ondanks de financiële drempels is een meerderheid van de volwassenen tevreden over de zorg van hun huisarts. Zo zegt 84 procent zich serieus genomen te voelen en begrijpt 93 procent meestal goed wat de huisarts uitlegt. Toch zijn er ook hier verschillen zichtbaar: in de laagste welvaartsgroep ligt het cijfer voor ‘serieus genomen voelen’ op 77,5 procent, ruim 10 procentpunt lager dan in de hoogste groep.
Regionale verschillen: minder tevredenheid in Flevoland en Zeeland
In Flevoland geeft slechts 65 procent aan snel bij de huisarts terecht te kunnen. Ook inwoners van Zeeland zijn relatief vaak ontevreden over het aanbod aan huisartspraktijken. Opvallend is dat in Zeeland 35 procent van de inwoners verwacht dat de beschikbaarheid van huisartsen de komende jaren zal afnemen, een hoger percentage dan in andere provincies.