Het kabinet heeft een wetsvoorstel ingediend dat moet verduidelijken wanneer iemand als werknemer of als zelfstandige werkt. Het voorstel, genaamd Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (Vbar), is onderdeel van een bredere hervorming van de arbeidsmarkt.
Criteria over aansturing en ondernemersrisico
In de wet worden bestaande juridische criteria vastgelegd om te bepalen of iemand werkt als werknemer of zelfstandig ondernemer. Belangrijk daarbij is de mate van aansturing door de opdrachtgever en of de persoon ondernemersrisico loopt.
Zo wordt gekeken naar wie bepaalt hoe en wanneer het werk wordt uitgevoerd en of de betrokkene actief is in het werven van nieuwe klanten. De wet verandert inhoudelijk niets aan de huidige jurisprudentie, maar moet de toetsingskaders voor werkenden en opdrachtgevers inzichtelijker maken.
Rechtsvermoeden voor laagbetaalde zzp’ers
Een belangrijk element van de wet is het rechtsvermoeden van werknemerschap bij zelfstandigen die minder dan 36 euro per uur verdienen. Deze groep krijgt straks de mogelijkheid om zich te beroepen op een arbeidsovereenkomst.
Als een zelfstandige met een laag tarief stelt werknemer te zijn, moet de opdrachtgever aantonen dat daar géén sprake van is. Daarmee wordt de positie van deze groep versterkt en schijnzelfstandigheid tegengegaan.
Volgens ramingen valt ongeveer 15 procent van de zelfstandigen die hun eigen arbeid aanbieden onder dit uurtarief.
Van Hijum: “Werk moet je zekerheid geven”
Minister Eddy van Hijum (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) benadrukt het belang van duidelijkheid voor werkenden: “Werk moet je zekerheid geven. Over je inkomen en je toekomst. Met dit wetsvoorstel maken we duidelijker wat het onderscheid is tussen werken als zelfstandige of als werknemer. Als je aangestuurd wordt in je werk en je loopt geen ondernemersrisico, dan ben je een werknemer en heb je recht op de zekerheid die daarbij hoort. En als je echt zelfstandig werkt en onderneemt, dan is daar alle ruimte voor. Daarnaast versterken we de positie van mensen die gedwongen tegen een lager salaris via een zzp-constructie werken.”
Aantal schijnzelfstandigen geschat op 200.000
In 2024 telde Nederland naar schatting 1,3 miljoen zelfstandigen zonder personeel. Uit eerdere ramingen blijkt dat circa 200.000 daarvan mogelijk te maken hebben met schijnzelfstandigheid.
Schijnzelfstandigheid kan leiden tot oneerlijke concurrentie en het ondermijnen van sociale zekerheden, omdat werkenden buiten het stelsel vallen terwijl zij wel feitelijk werknemer zijn.
Voordelen bij erkenning als werknemer
Wanneer het rechtsvermoeden leidt tot een erkenning als werknemer, krijgt de betrokkene toegang tot rechten zoals loondoorbetaling bij ziekte, zwangerschapsverlof, ontslagbescherming en sociale uitkeringen. Werkgevers zijn dan verplicht om premies en belastingen af te dragen.
Geen overgangsrecht
Het wetsvoorstel maakt onderdeel uit van het arbeidsmarktpakket dat voortvloeit uit het advies van de commissie Borstlap (2021) en afspraken tussen kabinet, werkgevers en vakbonden (2023).
Indien aangenomen door zowel de Tweede als de Eerste Kamer, treedt de wet op 1 juli 2026 in werking. Er geldt geen overgangsperiode: de wet is dan direct van kracht.
Bron: rijksoverheid