Basisscholen en middelbare scholen krijgen vanaf vandaag de kans om opnieuw subsidie aan te vragen om lees-, schrijf- en rekenvaardigheden te versterken. Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) stelt hiervoor nog één keer middelen beschikbaar. Sinds eind 2022 maakten al ruim 1,5 miljoen leerlingen gebruik van de regeling. Met deze vierde en laatste ronde wil het ministerie nog eens een miljoen leerlingen bereiken. Uiteindelijk moet 95 procent van alle leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs worden ondersteund.
Belang van blijvende inzet
Staatssecretaris Mariëlle Paul (Funderend Onderwijs en Emancipatie) benadrukt dat structurele aandacht noodzakelijk blijft. “Steeds meer scholen maken extra werk van lezen, schrijven en rekenen. Alles om te zorgen dat hun leerlingen die cruciale vaardigheden goed beheersen. Hartstikke goed! Omdat dit een zaak van lange adem is, mag onze aandacht niet verslappen. Daarom blijven we scholen ondersteunen, ook op de langere termijn.”
512 miljoen euro beschikbaar
Voor deze ronde van het Masterplan basisvaardigheden is in totaal €512 miljoen uitgetrokken. Dat komt neer op €615 per leerling. Scholen die eerder geen subsidie ontvingen, kunnen het bedrag inzetten voor bijscholing van docenten, extra lessen of de aanstelling van een taal- of rekencoördinator. Ook aanschaf van leermiddelen valt binnen de regeling. Instellingen die door de Inspectie van het Onderwijs als ‘zeer zwak’ of ‘onvoldoende’ zijn beoordeeld, worden actief benaderd om mee te doen.
Hoewel de nadruk ligt op taal en rekenen-wiskunde, kan de subsidie ook worden aangewend voor digitale vaardigheden of burgerschap, wanneer daar behoefte aan is.
Verbeteringen zichtbaar, maar urgentie blijft
Uit recente rapportages blijkt dat vooral basisscholen duidelijke vooruitgang boeken. Toch is de noodzaak groot om basisvaardigheden verder te versterken, vooral in het voortgezet onderwijs.
Nieuwe financiering vanaf 2027
Na 2026 verdwijnt de subsidie. Vanaf 1 januari 2027 komt er een nieuwe financieringsvorm: de gerichte bekostiging. Daarbij ontvangen alle scholen automatisch extra middelen om de basisvaardigheden te verbeteren. Aanvragen indienen is dan niet meer nodig, waardoor scholen tijd en administratie besparen.
Het wetsvoorstel is inmiddels in consultatie gegaan. Vijf jaar na de invoering volgt een evaluatie om te bepalen of de regeling wordt verlengd of opgenomen in de reguliere bekostiging. Staatssecretaris Paul licht toe: “Ik wil zeker weten dat extra geld ook daadwerkelijk daaraan wordt besteed waarvoor het is bedoeld. Met gerichte bekostiging is dit mogelijk. Bovendien geeft het scholen meer zekerheid hoeveel geld ze te besteden hebben en kunnen ze plannen voor de langere termijn maken.”
Minder losse subsidies
Met de overgang naar gerichte bekostiging komt er ook minder versnippering in het onderwijsbeleid. Dat past bij de afspraken uit het Hoofdlijnenakkoord. Tegelijkertijd blijft het mogelijk om in uitzonderlijke situaties tijdelijke subsidies te verstrekken, bijvoorbeeld wanneer scholen extra ondersteuning nodig hebben.
Bron: Rijksoverheid