vrijdag, maart 13, 2026
7 C
Groningen

Vertrouwen van Nederlandse kiezers in politiek opnieuw fors gedaald

Het vertrouwen van Nederlanders in de landelijke politiek blijft dalen. Slechts 29 procent zegt nog enig vertrouwen te hebben, blijkt uit het jaarlijkse Prinsjesdagonderzoek van Ipsos I&O in opdracht van de NOS. Een ruime meerderheid geeft juist aan weinig of helemaal geen vertrouwen meer te voelen.

Dat beeld is niet nieuw. De percentages liggen in lijn met de afgelopen jaren. Alleen rond de start van het kabinet-Schoof, vorig jaar, was er een opleving. Toen gaf 44 procent nog aan vertrouwen te hebben. Die hoop is inmiddels grotendeels verdwenen.

Politiek wordt gezien als verdeeld en ineffectief

Veel kiezers ergeren zich vooral aan de manier waarop Den Haag functioneert. Politieke discussies draaien volgens hen te vaak om interne ruzies. Samenwerking blijft uit en oplossingen komen nauwelijks van de grond.

De kritiek is breed, maar drie thema’s springen eruit: migratie en asiel, de woningmarkt en de zorg. Twee derde van de ondervraagden noemt het migratiebeleid problematisch, bijna evenveel wijst op de woningmarkt en iets meer dan de helft wijst naar de gezondheidszorg. Onder aanhangers van PVV en JA21 is die onvrede nog veel sterker: respectievelijk 87 en 92 procent uit stevige kritiek.

Achterban PVV en BBB keert zich af

Volgens onderzoeker Asher van der Schelde van Ipsos I&O overheerst vooral teleurstelling bij lager en middelbaar opgeleiden. Zij hadden vorig jaar nog hoge verwachtingen van het nieuwe kabinet.
“Deze groepen stemmen bovengemiddeld vaak PVV en BBB. Met het aantreden van het kabinet-Schoof hoopten zij dat hun belangen beter bediend zouden worden. Dat is niet gelukt, waardoor het vertrouwen ook onder deze groepen weer terug is op het niveau van voor de voorgaande verkiezingen”, aldus Van der Schelde.

De cijfers spreken boekdelen. Bij de PVV zakte het vertrouwen van 50 naar 14 procent. BBB-kiezers volgden hetzelfde patroon: van 57 naar 13 procent. VVD-aanhang is nog het meest positief met 53 procent vertrouwen. Ook bij D66 (51 procent) en GroenLinks-PvdA (50 procent) ligt dat cijfer relatief hoog.

Opvallend is dat de NSC-aanhang vrijwel is verdwenen. Waar vorig jaar 55 procent van die groep vertrouwen had in de politiek, staat de partij nu nauwelijks meer in de peilingen.

Verschil met eerdere peilingen

Eind augustus kwam RTL Nieuws al met een eigen onderzoek. Daaruit bleek dat slechts 4 procent nog vertrouwen had in de politiek, vijf dagen na het vertrek van NSC uit het kabinet. Ipsos I&O geeft geen duidelijke verklaring voor dit grote verschil. Mogelijk speelt mee dat RTL werkt met een ander onderzoeksmodel en een eigen panel.

Somber beeld van de economie

Niet alleen de politiek zelf wordt met argwaan bekeken. Ook over de economische toekomst heerst pessimisme. Ruim 44 procent van de ondervraagden verwacht dat Nederland er over een jaar slechter voorstaat. Slechts 7 procent voorziet groei. De rest denkt dat er weinig zal veranderen of geeft aan het niet te weten.

Vooral kiezers van PVV (55 procent), BBB (52 procent) en SP (59 procent) verwachten economische neergang. Onder mensen met een minimuminkomen is dat beeld eveneens sterk aanwezig: 53 procent verwacht verslechtering. Dat staat haaks op de kabinetsprognose waarin wordt uitgegaan van een gemiddelde koopkrachtstijging van 1,3 procent.

Steun voor Oekraïne neemt toe

Opvallend genoeg is de steun voor Oekraïne juist toegenomen. Waar vorig jaar 58 procent van de Nederlanders vond dat het land geholpen moest worden, ligt dat percentage nu op 63.

Het plan van het CDA om belastingen te verhogen voor extra defensie-uitgaven kan op minder draagvlak rekenen. Slechts 31 procent staat hierachter, terwijl 38 procent tegen is. De rest weet het niet of heeft er geen mening over.

Spreidingswet verdeelt kiezers

Ook de spreidingswet, die bepaalt dat gemeenten verplicht asielzoekers moeten opvangen, leidt tot verdeeldheid. Bijna een derde (32 procent) wil dat de wet wordt ingetrokken. Daartegenover staat 45 procent die het beleid steunt.

Kabinet en ministers onvoldoende beoordeeld

Het demissionaire kabinet geniet weinig vertrouwen. Slechts 15 procent van de kiezers zegt tevreden te zijn, hetzelfde niveau als in april toen het volledige kabinet-Schoof nog functioneerde.

Demissionair premier Schoof is bij een groot deel van de bevolking bekend (86 procent), maar scoort gemiddeld slechts een 5,1 als rapportcijfer. Minister Heinen van Financiën krijgt hetzelfde cijfer en is bij 31 procent van de Nederlanders bekend.

Weinig hoop op verbetering na verkiezingen

Met de verkiezingen van 29 oktober in zicht zijn de verwachtingen laag. Slechts 18 procent denkt dat de politiek daarna beter gaat functioneren. Vooral kiezers van GroenLinks-PvdA, CDA en D66 zien nog perspectief: ongeveer 30 procent van hen gelooft in verbetering.

Daar staat tegenover dat 37 procent er zeker van is dat er niets zal veranderen. De grootste groep, 45 procent, weet het niet of blijft neutraal. Het algemene beeld: Nederland kijkt met scepsis vooruit.

Bron: NOS

Recente publicaties

Rabobank: groei stagneert door Iran-conflict, alle sectoren voelen het

De Nederlandse economie komt door de escalatie rond Iran...

Drenthe Growers als stabiele kracht in moderne, duurzame komkommerteelt

Aan de Beekweg in Erica ligt een bedrijf dat...

Landen zetten oliereserves open om prijsstijging te dempen

Landen trekken een noodrem in de oliemarkt. Nederland en...

Kabinet gooit zzp-koers om: deel Vbar van tafel, focus op Zelfstandigenwet

De discussie over zzp en schijnzelfstandigheid is in Nederland...

Demee: digitaal leiderschap dat de brug slaat tussen ambitie en resultaat

Veel organisaties herkennen het moment waarop digitale plannen groter...

Gerelateerde artikelen